Psalm: 42
Evenals een moede hinde
naar het klare water smacht,
schreeuwt mijn ziel om God te vinden,
die ik ademloos verwacht.
Ja, ik zoek zijn aangezicht,
God van leven, God van licht.
Wanneer zal ik Hem weer loven,
juichend staan in zijn voorhoven?
Lichtstad met uw paarlen poorten wond're stad zo hoog gebouwd
Nimmer heeft men op deez' aarde, ooit Uw heerlijkheid aanschouwd
Daar zal ik mijn Heer ontmoeten, luist'ren naar Zijn liefdesstem
Daar geen rouw meer en geen tranen, in het nieuw Jeruzalem