Verdovende middelen gebruiken we al duizenden jaren. Vroeger werd voornamelijk opium en alcohol gebruikt. Tegenwoordig hebben we veel meer middelen tot onze beschikking en kunnen we als anesthesist echt maatwerk leveren.
Anesthesie is een verzamelnaam voor alle vormen van verdoving. Wij onderscheiden 4 vormen:
De bekendste is algehele anesthesie, ook wel narcose genoemd. Hierbij wordt de patient in een slapende toestand gebracht door een combinatie van slaapmiddel, pijnstillers en soms ook spierverslappers. Dit wordt veel bij operaties gebruikt.
Sedatie is een lichte vorm van anesthesie voor bijvoorbeeld een onderzoek of kleine ingreep. Het maakt je wat slaperig en comfortabel. Dit wordt ook wel een roesje genoemd.
Bij een ruggenprik wordt een deel van het lichaam tijdelijk verdoofd. Het gaat dan om het onderlichaam, de romp of de benen.
Bij een lokale verdoving wordt alleen daar verdoofd waar het nodig is. Meestal bij kleine ingrepen in een arm of been. Of bij de tandarts.